door Anja Kuhn

Hoofdstuk 3 – Overleven in tijden van crisis

17 Jan 2026

Overleven is een woord dat veel gradaties kent. Ik gebruik het hier in de brede zin, zowel het ‘in leven blijven’ als ook het overleven in de zin van ‘je emotioneel in veiligheid weten’.

Op het moment dat we in tijden van crisis of nood komen en moeten overleven, vallen alle filters weg en worden we teruggeworpen op onze kern. Veel mensen herkennen dat ze in tijden van grote zorgen ineens geen buffers meer hebben voor bepaalde personen of dingen. Ons systeem zoekt naar de meest efficiënte manier om onderscheid te kunnen maken tussen onbelangrijk en belangrijk. Er is minder ruimte voor grijstinten en we denken eerder zwart-wit. Dat kost gewoon minder energie.

Dan merk je bijvoorbeeld dat je anderen om je heen moeilijker of niet meer kunt verdragen, sneller geïrriteerd raakt door (onhandige) uitspraken en veel fijner afgesteld raakt en reageert op bepaalde woordkeuzes, handelingen of gedrag. Wat je anders met een knipoog hebt kunnen aanhoren of plaatsen, is dan ineens te veel of valt helemaal verkeerd.

In een fase van overleven schakelt ons systeem en zoekt razendsnel de meest belangrijke stand voor deze situatie op. Wat het ingewikkeld maakt, is dat deze stand voor eenieder een hele andere kan zijn. Dat is afhankelijk van alles wat we tot nu in ons leven hebben meegemaakt en hoe we daar vervolgens mee zijn omgegaan, welke vangnetten er voor ons beschikbaar waren en zijn en welke stappen we (hebben) kunnen nemen om in het proces daarna te kunnen reflecteren en verwerken.

Dat is een complex proces en ook de reden waarom het voor veel mensen soms moeilijk is om elkaar, juist in tijden van nood, crisis of rouw, te kunnen vinden.

Hierin doorloopt iedereen verschillende fases en in elke fase kom je diverse lagen tegen. Dat zijn vaak lagen die je later, als de grootste nood wat tot rust komt, kunt verkennen om eraan te groeien – door te ontleden, af te pellen en verbanden te leggen. In gesprek gaan, mogen en kunnen vertellen, tijd kunnen nemen voor herstel, zowel lichamelijk als ook emotioneel, zijn belangrijke pilaren om de balans te bewaren of te hervinden. Want overleven kost ontzettend veel energie.

*

“Het is een hersentumor. Luca wordt nu opgenomen en krijgt morgen een eerste noodoperatie.” app ik naar Oliver, Lena en Yako. Het is een naar bericht om te versturen. Hetzelfde bericht stuur ik ook wat later aan mijn beste vriendinnen en een klein aantal andere mensen.

Later hoor ik dat dit bericht als een soort bom binnenkomt bij een ieder en velen vertellen dat ze helemaal in tranen waren. Dat realiseer ik mij ook, maar ik kan niet iedereen bellen, heel praktisch niet, maar ik kan het ook nog niet opbrengen om iedereen persoonlijk te woord te staan. Daarvoor gebeurt er te veel in korte tijd en kan ik het al nauwelijks voor mezelf behapbaar houden. De emoties van anderen kan ik er nu nog niet bij hebben.

Mijn systeem zoekt instinctief naar houvast in de vorm van een netwerk om mij heen. Ik ben mij er namelijk van bewust dat dit iets groots is en veel van ons gaat vragen.

*

Zo informeer ik bijvoorbeeld al de eerste nacht bij een collega naar een geschikte relatietherapeut. Dat lijkt misschien gek, maar ik besef dat dit alles een enorm beroep zal doen op mijn man en mij, als stel. Ik vul als het ware mijn innerlijke ladekast met allemaal hulptroepen en namen die ik later alleen nog maar open hoef te trekken voor de juiste hulp, mocht het nodig zijn. Mede door mijn werk als coach realiseer ik mij heel goed dat er na deze eerste fase, waarop we op adrenaline draaien, een fase zal volgen van grote vermoeidheid en dan is de kans groot dat ik geen energie meer heb om hierover na te denken.

*

Met Oliver bel ik even later en hij geeft aan direct vanaf zijn werk te vertrekken en naar ons toe te komen. Luca appt inmiddels druk met haar vriendinnen, haar werkgever en later ook haar mentor van de universiteit. De spanning spat ervan af. Af en toe hebben we kort contact over de praktische zaken die ons nu door het zorgpersoneel verteld worden en waarover wij ook met elkaar moeten afstemmen. Even later vertrekken we naar de afdeling en haar eerste kamer waar ze deze nacht zal verblijven. De eerste uit een reeks van ziekenhuiskamers die we de komende tijd nog gaan zien.

*

Ik kijk met wijd opengetrokken ogen het donker in en merk dat het me niet lukt om mijn ogen te sluiten. Steeds zoekt mijn blik het bed naast het mijne. Slaapt ze? Ademt ze?

Af en toe zie ik licht op het scherm van haar telefoon en weet ik dat ze ook nog steeds wakker is. Heel soms raak ik haar eventjes aan.

Ik doe mijn best om te ontspannen, maar het lukt mij niet om mijn ogen te sluiten. Het is een rare gewaarwording, maar ik ben in een soort alarmstand waarin ik geen vermoeidheid kan identificeren, terwijl de afgelopen dag en de laatste uren weer en weer door me heen gaan.

Ik denk aan mijn man, die ons uiteindelijk op de afdeling wist te vinden, en zie de blik in zijn ogen. Zijn angst, maar ook de onzekerheid over ‘wat nu te doen’ en hoe zich te gedragen in de buurt van zijn geliefde dochter. Gevoelens tonen vind hij altijd wat lastiger, maar dit is natuurlijk een uitzonderlijke situatie. Heftiger en heel dichtbij. Ik realiseer mij dat ook hij nu op vele lagen geraakt wordt, net als ik.

Hij schakelt voorlopig in een stand waarin zijn innerlijke coördinator en regelaar de regie nemen.

Hij maakt verschillende appgroepen aan voor praktische hulp en haalt daarna kleren en andere spullen op voor mij en Luca. Hij maakt later ook afspraken rondom de verzorging van de honden, regelt vervoer en maaltijden, enz. Regelen geeft hem structuur en grip, daar waar wij met z’n allen de controle kwijt zijn.

*

Mijn zoon Yako komt al de eerste avond vanuit zijn woonplaats naar Groningen om ons in ieder geval het eerste weekend te ondersteunen met alles. Hij is daarvoor 300 km gereisd en heeft zijn eigen gezin voor ons achtergelaten. Zijn rustige aanwezigheid op de achtergrond, zijn manier van dingen oppakken en afstemmen ervaar ik de komende tijd als een bron van rust en vertrouwen. In deze eerste nacht ben ik blij om te weten dat Oliver nu niet alleen thuis is met alle verwarrende emoties.

Lena, mijn oudste dochter, heeft een lastigere positie op 600 km afstand van ons en is niet in de gelegenheid om direct onze kant op te komen. Ik ken mijn oudste dochter goed genoeg om te weten dat zij nu verscheurd wordt, omdat zij zich enerzijds zorgen maakt om haar kleine zusje en om ons, en anderzijds haar gezin met 3 jonge kinderen niet zomaar achter kan laten.

Via de app doet ze haar best om mee te denken en betrokken te zijn en we weten dat zij met haar gezin al over een paar dagen afreist naar Drenthe, waar wij oorspronkelijk Pasen met elkaar wilden vieren. Dat is al gauw en tot die tijd moeten we heel hard duimen. Waarvoor durf ik niet eens hardop uit te spreken.

*

Luca had tot laat in de avond 2 vriendinnen om zich heen die de taak van ‘afleiding bieden’ op een manier beheersen zoals alleen vriendinnen dat kunnen doen. Ze bleven maar kletsen, giechelen en verhalen vertellen over ‘welke vriend(in) of collega, wat, wanneer en hoe gezegd of gedaan had’ in een (jongeren)taal die ik niet beheers en soms vol verwondering beluister. Beseffend dat ik ‘oud’ word, maar vooral heel dankbaar dat zij lichtheid brengen in deze beangstigende situatie vol onzekerheid en spanning. Want die is er volop. Op dit moment kan namelijk nog niemand ons vertellen hoe dit uiteindelijk allemaal af gaat lopen.

We zijn ondertussen in grote lijnen bijgepraat over de eerstkomende stappen: morgen de noodoperatie en 3 dagen later de grote hersenoperatie om de tumor te verwijderen. Het wordt een grote ingreep die de hele dag gaat duren. Een ingreep met behoorlijke risico’s, maar meer horen we na de eerste ingreep.

*

Mijn ogen blijven in het donker kijken. Niet een beetje, maar het lijkt alsof ik mijn ogen niet meer kan sluiten. Het voelt alsof ik helemaal geen keuze heb en niet kan stoppen met kijken.

Ineens begrijp ik wat hier aan de hand is. Ik ben als de dood voor dat wat er zou kunnen gaan gebeuren als ik voor een moment ‘niet kijk’. Het voelt alsof mijn hele lijf verstijfd en roept: “Dat gaat ons niet nog een keer gebeuren, dat er zomaar iemand naast je doodgaat, terwijl jij ligt te slapen. Nooit weer! En al zeker niet je dochter.”

Mijn traumadeel is aan.

Op het moment dat ik dat begin door te hebben, kan ik een stap opzij zetten en mijn gedachten bewuster opmerken en op een bepaalde manier ‘begeleiden’.

Ik herhaal in mijn hoofd wat ik tijdens mijn opleidingen heb geleerd en weet vanuit mijn werk als coach:

Je bent niet meer dat kleine meisje; je draagt het nog wel in je. Je volwassen kant kan het nu overnemen en toch ook oog hebben voor dat kleine meisje. Want dat deel is nu in paniek.

In mijn gedachten ga ik naast dat kleine meisje zitten en leg ik een arm om haar heen. Daarna voel ik dat ik wat kan ontspannen. Ik val niet meer samen met dat kleine, bange kindsdeel in me. Het is maar een deel van mij. Zodra ik dat besef, val ik zelfs nog even een uur in slaap.

Het kleine meisje zou de komende tijd nog vaker mijn aandacht nodig hebben, maar ik weet nu dat ik haar op kan merken en vervolgens een andere kant in mij erbij kan halen, en dat is een belangrijke stap!

*

Luca gaat op haar beurt weer in een geheel eigen overlevingsstand, niet alleen figuurlijk, door het heftige nieuws dat ze heeft gekregen, maar ook letterlijk.

Ik zie aan haar hoe zij zich, na het eerste verzet op de spoedafdeling, begint over te geven aan alles wat er nu op haar afkomt. Ik moet denken aan mijn goede vriendin, die jaren geleden een zwaar ongeluk heeft gehad toen ze als fietser onder een vrachtwagen terechtkwam. Ze overleefde, maar haar situatie was een aantal keren kritiek. Ze werd aanvankelijk in coma gebracht en er volgde een hele reeks aan operaties. Ik herinner me vele uren en dagen dat we bang waren hoe alles uiteindelijk zou aflopen.

Toen we later een keer met elkaar hierover spraken, vertelde ik dat ik me erover verbaasd had met hoeveel rust zij daar in het ziekenhuis alles over zich heen had laten komen. “Ik was aan het overleven,” antwoordde ze, en terwijl ik erbij was geweest en uiteraard wist hoe alles was gegaan, realiseerde ik mij toen op een ander niveau wat zij bedoelde. “Ik had helemaal geen keuze, het gebeurde mij gewoon. Dan schakelt er iets in je in een andere stand.” Ik begreep ineens dat verzet energieverspilling zou zijn, een soort luxe waarvoor geen ruimte was.

Deze vriendin zou later nog een paar keer een fijne gesprekspartner voor Luca zijn, omdat zij van binnenuit begreep waar Luca vragen over had.

*

Overleven in tijden van crisis zou de komende tijd op vele niveaus langskomen, want tijden van zorgen en nood leggen ons leven onder een soort imaginaire vergrootglas. Velen die ooit direct of indirect bijvoorbeeld met de eindigheid van het leven geconfronteerd zijn geweest, herkennen het wel. Maar ook een crisis in de vorm van een relatiebreuk of scheiding, geldzorgen, het verlies van je baan, etc. is bijna altijd confronterend op meer lagen dan de meest voor de hand liggende. Het raakt je altijd ook in je oude wonden.

Dat heeft tot gevolg dat we niet alleen te maken krijgen met datgene wat heel actueel gaande is, maar dat ook oude thema’s ineens weer naar boven drijven. In mijn geval was het eerste thema dat zich meldde het overlijden van mijn broertje, maar al gauw zouden er meer volgen.

0 Comments

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *